De Crèche: een venster naar de vrijheid

Na Ineke's geboorte meldden haar ouders zich zoals bevolen bij de Schouwburg. Daar begon het wachten. Mensen zaten er opgesloten, dagen, soms wekenlang, in onzekerheid over hun toekomst. Overdag werden de kinderen weggebracht naar de kinderopvang—de Crèche—aan de overkant van de straat. Ook de kleine Ineke werd elke dag naar deze opvang gebracht.

Wat de Nazi's niet wisten, was dat veel medewerkers van de Crèche actief waren in het verzet. Onder hun neus organiseerden deze moedige mensen een reddingsoperatie. Ze hielpen Joodse kinderen ontsnappen via de achtertuin van de Hervormde Kweekschool die naast de Crèche lag.

Nog opmerkelijker was de hulp van een Duitse soldaat, Suskind genaamd. Hij had de taak om nauwkeurig te tellen: hoeveel kinderen gingen 's morgens naar de Crèche en hoeveel kwamen 's avonds terug naar de Schouwburg? Deze soldaat wist dat er kinderen ontsnapten. Hij zag het gebeuren. Maar in plaats van alarm te slaan, telde hij expres verkeerd. Door zijn stilzwijgende medewerking werden levens gered.

In de verzetsgroep van de Hervormde Kweekschool speelde Zoë Krul een centrale rol. Ze had een uitgebreid netwerk van contacten verspreid over Amsterdam en de omgeving. Met vastberadenheid en moed probeerde ze zo veel mogelijk mensen—vooral kinderen—te redden van deportatie en de dood.

De vlucht met de kippenboer - Familie Smit

Zoë had twee zussen, Teunie en Reina. Reina was getrouwd met Klaas Smit, een kippenboer uit Ouderkerk aan de Amstel. Op een dag kwam Klaas naar de Kweekschool. Hij had een plan. Hij legde de kleine Ineke voorzichtig in zijn fietsmand—een mand die hij normaal gebruikte voor zijn kippenhandel. Vervolgens smokkelde hij haar weg in een grote rieten mand die hij voorop op zijn fiets bond.

Zo fietste hij met zijn kostbare lading van Amsterdam naar zijn huis in Ouderkerk aan de Amstel. Elk moment kon hij gecontroleerd worden, elk moment kon alles misgaan. Maar hij kwam veilig aan. In zijn huis vond Ineke een schuilplaats in een bedstee—een ingebouwde alkoof die typisch was voor oudere huizen. Voor extra veiligheid werd de kast met de naaimachine voor de bedstee geschoven, zodat niemand zou vermoeden dat daar een kind verborgen lag. De adoptieouders hebben aangegeven dat Ineke uit Rotterdam kwam en de stad had moeten ontvluchten ten gevolge van het bombardement.

Bij de familie Immerzeel

Toen Reina ziek werd, kon ze niet langer voor Ineke zorgen. Ze moest snel een nieuwe, veilige onderduikplek vinden. In 1943 kwam Ineke terecht bij Zoë's andere zus, Teunie, en haar man Leendert Immerzeel in Andijk, een dorp in Noord-Holland.

Het huishouden van de Immerzeels was al complex. Ze hadden al een onderduikster in huis: Zinnia Bleekrode, een vijftienjarig Joods meisje dat ook voor haar leven vluchtende was. Wanneer er berichten kwamen over controles of invallen in de buurt, nam Zinnia Ineke mee, weg van huis. Ze deden alsof ze op bezoek gingen bij grootouders—een onschuldig uitstapje dat geen argwaan zou wekken.

Bovendien hadden Teunie en Leendert net hun derde kind gekregen, een dochtertje genaamd Marijke. Marijke en Ineke waren bijna even oud. De twee baby's lagen samen in één wieg, twee levens die elkaar warmte gaven. Voor buitenstaanders leken ze gewoon zusjes.

Maar de oorlog kwam dichterbij. Na een Duitse inval in de buurt was het niet langer veilig voor Ineke om bij de Immerzeels te blijven.

De familie Kerkenaar en het blonde haar

Ineke werd overgebracht naar een nieuw gezin: Aag en Henk Kerkenaar, die ook in de regio woonden. Ze hadden twee zoons, Ton en Koos, allebei blonde jongens met het typisch Nederlandse uiterlijk dat de bezetter graag zag.

Maar Ineke had een probleem: ze had zwart haar. Zwart haar kon haar verraden, kon vragen oproepen. Waarom had dit meisje zo'n donker haar terwijl de rest van het gezin blond was?

Aag bedacht een oplossing. Ze begon Ineke's haar te wassen met groene zeep, een ruwe huishoudzeep. Daarna zette ze Ineke in haar kinderstoel buiten in de tuin, in de volle zon. Het idee was simpel: misschien zou het zonlicht, gecombineerd met de zeep, het haar lichter maken. Het was een wanhopige poging om het kleine meisje beter te laten passen in het gezin, om haar te beschermen.

Voor Ton en Koos was Ineke hun zusje. Ze begrepen niet dat ze niet écht familie was. Ze speelden samen, groeiden samen op. Ineke was een van hen.

Na de oorlog: een pijnlijk afscheid

In het voorjaar van 1947, twee jaar na de bevrijding, moest Ineke weg bij de familie Kerkenaar. Ze ging terug naar familie—naar haar oom Louis Hijman, een broer van haar moeder Rachel..

Voor Ton en Koos was dit volkomen onbegrijpelijk. Waarom moest hun zusje weg? Ze zagen haar niet als een onderduikster die tijdelijk bij hen had gewoond. Voor hen was ze gewoon hun zusje, hun speelkameraad, deel van hun gezin. Het verlies was verschrikkelijk.

Ook voor Ineke was het afscheid ontzettend moeilijk. De Kerkenaars waren het enige gezin dat ze zich kon herinneren. Ton en Koos waren haar broers. Dit was haar thuis. Afscheid nemen, loslaten van de enige wereld die ze kende—het was een tweede trauma.

Opmerkelijk genoeg ervoer Ineke tijdens de oorlog zelf weinig angsten. Pas na de bevrijding openbaarden zich de psychische gevolgen: ze werd geteisterd door nachtmerries en trauma's, en ontwikkelde een angst voor gesloten ruimtes. Hoewel ze het contact met haar adoptieve familie in stand hield, verbrak ze de band met haar oom.

De waarheid over haar ouders

Pas na de oorlog hoorde Ineke precies wat er met haar ouders was gebeurd. Samuel en Rachel Pach waren in februari 1943 via Kamp Westerbork gedeporteerd naar Sobibor, een vernietigingskamp in het oosten van Polen. Daar werden ze vermoord, samen met honderdduizenden andere Joodse slachtoffers.

Identiteit en Trauma na de Oorlog

Reflectie op het Beleid omtrent Joodse Oorlogswezen

Ineke deelt haar persoonlijke visie op het beleid dat na de Tweede Wereldoorlog werd gehanteerd ten aanzien van joodse oorlogswezen. Ze stelt dat het achteraf gezien een fout beleid was om deze kinderen terug te plaatsen bij joodse families die zelf ernstig getraumatiseerd waren door de oorlog. Volgens haar was het onmogelijk voor deze families om goed voor de wezen te zorgen, gezien hun eigen ondraaglijke trauma's. Dit pijnlijke dilemma wordt helder beschreven door Selma Leydesdorff in haar boek "Om het joodse kind".

Ineke deelt haar persoonlijke visie op het beleid dat na de Tweede Wereldoorlog werd gehanteerd ten aanzien van joodse oorlogswezen. Ze stelt dat het achteraf gezien een fout beleid was om deze kinderen terug te plaatsen bij joodse families die zelf ernstig getraumatiseerd waren door de oorlog. Volgens haar was het onmogelijk voor deze families om goed voor de wezen te zorgen, gezien hun eigen ondraaglijke trauma's. Dit pijnlijke dilemma wordt helder beschreven door Selma Leydesdorff in haar boek "Om het joodse kind".

Verlies van Vertrouwde Omgeving en Identiteit

In 1948 werd Ineke weggehaald uit haar vertrouwde omgeving. Tijdens de onderduik en de periode daarna kreeg ze drie verschillende achternamen, die elk een deel van haar ontwrichte identiteit weerspiegelden. Eerst droeg ze de naam De Jong, de naam die ze gebruikte tijdens haar onderduik en die symbool stond voor het kind dat zich moest verstoppen. Daarna kreeg ze de naam Hijman, de naam van haar biologische familie, mensen die ze nauwelijks kende. Toen ze naar de middelbare school ging, werd haar terloops verteld dat haar echte naam eigenlijk Pach is.

Zoeken naar Zelf en Gevolgen voor het Leven

Drie namen betekent drie identiteiten. Deze verscheurende ervaringen roepen de vraag op wie ze eigenlijk is. Ineke concludeert dat deze gebeurtenissen haar gevormd hebben tot wie ze nu is—of dat nu positief of negatief is. Haar verhaal toont op indringende wijze hoe diepgaand de gevolgen van oorlog en ondoordacht beleid kunnen zijn voor de persoonlijke ontwikkeling en het gevoel van eigenwaarde.

Ineke overleefde dankzij de moed van gewone mensen: verzetsstrijders, kippenboeren, onderwijzers, boeren, en een Duitse soldaat die weigerde mee te doen aan de moordmachine. Ze droegen haar, verborgen haar, beschermden haar. Ze gaven haar een toekomst die haar ouders ontnomen werd.

Gallery

Gallery Images

Site Policy

Using our website constitutes agreement to our Privacy Policy and Site Regulation. We use cookies to improve your experience and analyze site usage.

}